Categorie: Kennisbank (page 1 of 11)

Nieuw HDP rapport over de gebeurtenissen in Cizre tijdens de uitgaansverboden en militaire operaties in 2015 en 2016

Op 5 maart 2018 tijdens een persconferentie in Geneve maakte HDP parlementslid Faysal Sarıyıldız een nieuw rapport openbaar over de gebeurtenissen die in Cizre plaatsvonden tijdens de militaire operaties onder de ingestelde 24 uurs uitgaansverboden in 2015/2016. Het rapport getiteld “The anatomy of brutality” bevat onder andere een grote verzameling van informatie die nu, 2 jaar na dato, een uitgebreid verslag opleveren over de gruwelijke gebeurtenissen in de kelders van Cizre waar uiteindelijk 177 lichamen, waaronder die van 24 kinderen, werden gevonden.

In het rapport wordt opnieuw opgeroepen tot een onafhankelijk onderzoek naar de gebeurtenissen in Cizre.

Ook in andere steden in het zuidoosten van Turkije vonden grootschalige militaire operaties plaats. Ook daar vielen vele doden en gewonden, stadskernen werden vernietigd en honderdduizenden mensen raakten ontheemd. Per oktober 2016 waren er in totaal in negen provincies en minstens 35 districten 114 avondklokken uitgeroepen. 63 in Diyarbakır , achttien in Mardin, dertien in Şırnak, elf in Hakkâri, in Muş, Batman en Bingöl twee en in Dersim één. Tussen augustus 2015 en oktober 2016 zijn er in totaal 863 mensen gestorven. Het recht op leven en het recht op toegang tot gezondheidszorg van zeker 1,5 miljoen mensen werd negatief beïnvloed.

Het volledige rapport is hier te vinden:
The anatomy of brutality – comprehensive and updated report on Turkey’s blockade on Cizre district

Kamervragen over martelingen in Turkije

Op 8 september heeft Sadet Karabulut (SP) schriftelijke vragen gesteld aan de Minister van Buitenlandse Zaken  over martelingen in Turkije:

Vraag 1
Kent u het bericht «Villagers tortured under custody in Kurdish province: report» en bent u bekend met het rapport «Mass torture and ill-treatment in Turkey» ?

Vraag 2
Kunt u bevestigen dat de Turkse autoriteiten zich vorige maand schuldig hebben gemaakt aan marteling van gevangenen in Sapatan, in het zuidoosten van Turkije? Zo nee, wat zijn dan de feiten?

Vraag 3
Herkent u zich in het in het rapport geschetste beeld dat marteling in Turkije sinds de mislukte coup een systematisch karakter heeft gekregen en dat daders steevast vrijuit gaan vanwege een cultuur van straffeloosheid? Zo nee, waarom niet?

Vraag 4
Welke mogelijkheden ziet u voor Nederland en de Europese Unie om de druk richting Turkije op te voeren opdat het land deze wrede mensenrechtenschendingen staakt?

Vraag 5
Bent u bereid er bij de Turkse autoriteiten op aan te dringen dat onafhankelijk onderzoek naar marteling in het land mogelijk wordt, dat bevindingen kunnen worden gepubliceerd en dat mensenrechtenorganisaties toegang krijgen tot detentiecentra waar marteling plaatsvindt? Kunt u uw antwoord toelichten?

 

Bron: www.tweedekamer.nl

Wij publiceren een update zodra de minister de vragen heeft beantwoord.

 

Damage assessment report – Sur district, Diyarbakir

Meer dan een jaar na het officiële einde van de staatsoperaties in het Sur district van Diyarbakir, gaat de vernietiging van leefgebied en cultureel erfgoed nog altijd door, zo blijkt uit het schaderapport van Nevin Soyukaya, archeoloog en voormalig hoofd van de afdeling cultureel erfgoed van de gemeente Diyarbakir.

Het rapport laat zien hoe het specifieke karakter van het Sur district, de oude stad binnen de stadsmuren van Diyarbakir, onherstelbare schade wordt toegebracht als gevolg van de militaire operaties in 2015 en 2016 en de daarop volgende en nog altijd voortdurende systematische sloop en vernietiging. Tijdens de militaire operaties is zwaar geschut ingezet en zijn tienduizenden inwoners gedwongen vertrokken. Na het einde van de staatsoperaties heeft de Turkse regering besloten tot de onteigening van 6292 van de 7714 parcelen in het Sur district. Honderden gebouwen zijn van de aardbodem verdwenen, de wegen zijn verbreed, wijken zijn uitgewist, pleinen zijn gemaakt en scholen zijn in politieposten of militaire posten omgezet. De verbrede straten verbinden nu deze militaire posten zodat tanks en andere militaire voertuigen door de stad kunnen. In zeker 5 van de 15 buurten, voornamelijk in het oostelijke gedeelte, zijn huizen en monumenten volledig uitgewist en is het onwaarschijnlijk dat inwoners nog terug kunnen keren.

Het Urban Conservation Plan uit 2012, een belangrijk document voor de UNESCO aanvraag, is door de regering eind 2016 aangepast om het ‘urban renewal‘ project te kunnen uitvoeren. In 2012 had de regering dit reeds voor ogen, maar het was onverenigbaar met het Urban Conservation Plan en stuitte op grote weerstand. Het Urban Conservation Plan uit 2012 was met inspraak van alle stakeholders tot stand gekomen en richtte zich op het behoud van het specifieke karakter van de oude stad voor de inwoners en de instandhouding van eeuwenoude gebouwen en stratenpatronen. De nieuwe plannen van de regering daarentegen zeggen zich te richten op veiligheid, maar brengen vooral enorme schade toe aan het unieke karakter van de oude stad en houden geen rekening met de getroffen inwoners.

 

Volledige rapport: Damage Assessment Report – Conflict Period and following Demolition of the Old city (SURİÇİ) of DIYARBAKIR

Amnesty International publiceerde in 2016 ook al een zeer verontrustend rapport over de wederopbouwplannen van de regering en de voortdurende schendingen van de rechten van de inwoners van Diyarbakir: “Displaced and dispossessed: Sur residents’ right to return home”

 

 

 

Kamervragen over Turkse luchtaanvallen in Syrië en Irak

Op 30 mei heeft minister Koenders de vragen van Sadet Karabulut (SP) over Turkse luchtaanvallen in Syrië en Irak beantwoord.

Vraag 1
Kent u het bericht ‘Turkse bommen in Irak en Syrië’?

Antwoord
Ja.

Vraag 2
Welk beeld heeft u van de recente Turkse luchtaanvallen op stellingen van Koerdische strijders in zowel Syrië als Irak? Hoeveel stellingen zijn gebombardeerd? Hoeveel doden zijn daarbij gevallen? Zijn er ook burgers omgekomen?

Antwoord
Open bronnen beweren dat meerdere stellingen van Koerdische strijders in noordoost-Syrië en noord-Irak zijn aangevallen. Daarbij zouden twee burgers en enkele tientallen strijders zijn gedood. Nederland beschikt niet over eigenstandige inlichtingen op basis waarvan deze berichten bevestigd of ontkracht kunnen worden.

Vraag 3
Deelt u de opvatting dat Islamitische Staat (IS) baat heeft bij het Turkse militaire optreden aangezien belangrijke tegenstanders van IS zijn aangevallen?

Antwoord
In de strijd tegen ISIS spelen Koerdische strijdkrachten een belangrijke rol. Hoewel het kabinet enerzijds geen eigenstandige informatie heeft waaruit blijkt dat ISIS baat heeft gehad bij deze Turkse aanvallen, kan daarom anderzijds niet worden uitgesloten dat ISIS profiteert van aanvallen op Koerdische strijdkrachten.

Vraag 4
Is het waar dat er geen volkenrechtelijk mandaat is op basis waarvan Turkije militaire operaties uit kan voeren in Syrië en Irak? Zo nee, waarom niet?

Vraag 5
Bent u bereid om, in navolging van andere landen, waaronder de VS en Rusland, het Turkse militaire optreden in beide buurlanden te veroordelen en op te roepen tot terughoudendheid?

Vraag 6
Bent u bereid Turkije te verzoeken in de toekomst af te zien van het uitvoeren van luchtaanvallen op Koerdische strijders in beide buurlanden en het land op te roepen de militaire aanwezigheid in beide buurlanden te beëindigen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 4, 5 en 6
Net als andere landen heeft Turkije het recht op zelfverdediging tegen gewapende aanvallen, dus ook als dergelijke aanvallen worden uitgevoerd door Koerdische strijders. Tegelijkertijd is het kabinet van mening dat Turkije met zijn militaire optreden in de regio de internationale inzet in de strijd tegen ISIS niet dient te bemoeilijken, conform het internationaal recht dient te handelen, en derhalve de beginselen van proportionaliteit in acht dient te nemen. Terughoudendheid van Turkije is daarom gepast.

Bron: https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/kamervragen/detail?id=2017D15215&did=2017D15215

Aanvullende vragen
Op 4 mei stelden de leden Voordewind (ChristenUnie), Van der Staaij (SGP), Ten Broeke (VVD) en De Roon (PVV) aanvullende vragen, welke inmiddels ook zijn beantwoord:

Vraag 1
Bent u op de hoogte van de Turkse aanvallen op Koerdische doelen in Noord-Syrië en Noord-Irak? [1]

Antwoord
Ja.

Vraag 2
Hoe beoordeelt u deze aanvallen, gezien het feit dat de getroffen groeperingen deel uitmaken van de anti-ISIS-coalitie en nauw samenwerken met NAVO-bondgenoot Amerika?

Antwoord
Net als andere landen heeft Turkije het recht op zelfverdediging tegen gewapende aanvallen, dus ook als dergelijke aanvallen worden uitgevoerd door Koerdische strijders. Tegelijkertijd is het kabinet van mening dat Turkije met zijn militaire optreden in de regio de internationale inzet in de strijd tegen ISIS niet dient te bemoeilijken, conform het internationaal recht dient te handelen en derhalve de beginselen van proportionaliteit in acht dient te nemen. Terughoudendheid van Turkije is daarom gepast.

Vraag 3
Zijn er bewijzen voor de Turkse bewering dat het bij de aanvallen ging om PKK-strijders die wapens en explosieven naar Turkije wilden smokkelen?

Antwoord
Het kabinet beschikt niet over bewijzen die bovengenoemde Turkse bewering kunnen bevestigen of ontkrachten.

Vraag 4
Bent u ervan op de hoogte dat organisaties van de Syrische Christelijke minderheid en de Iraakse Yazidi’s sterk geprotesteerd hebben tegen deze bombardementen omdat zij mede-slachtoffer zijn van de Turkse bombarde-menten? [2] Welke informatie heeft u over slachtoffers onder deze groepen?

Antwoord
Open bronnen beweren dat meerdere stellingen in noordoost Syrië en noord Irak zijn aangevallen door Turkije. Daarbij zouden twee burgers en enkele tientallen Koerdische strijders en Yezidi’s zijn gedood. Nederland beschikt niet over eigenstandige inlichtingen op basis waarvan deze berichten bevestigd of ontkracht kunnen worden. Het kabinet heeft uit open bronnen kennisgenomen van het feit dat organisaties van de Syrische Christelijke minderheid en de Iraakse Yezidi’s hebben geprotesteerd tegen deze bombardementen.

Bron: https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/kamervragen/detail?id=2017D15216&did=2017D15216

 

Schriftelijke conclusies mensenrechtencommissaris Raad van Europa over zuidoost Turkije ingediend bij EHRM

Op 5 mei 2017 heeft Nils Muižnieks, de commissaris voor de mensenrechten bij de Raad van Europa, zijn schriftelijke conclusies ingediend bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Ze hebben betrekking op 34 zaken die verband houden met gebeurtenissen die sinds augustus 2015 hebben plaatsgevonden in het kader van militaire operaties en uitgaansverboden in Zuidoost-Turkije.

Op basis van twee bezoeken aan Turkije in april en september 2016 en voortdurende monitoring, geven de schriftelijke conclusies van de commissaris informatie over de algemene context van contraterrorisme operaties en uitgaansverboden en de impact daarvan op de lokale bevolking in zuidoostelijk Turkije. De observaties gaan ook dieper in op mensenrechtenimplicaties waarover grote zorgen bestaan, zoals  de bescherming van het recht op leven; het gebrek aan effectief onderzoek en het probleem van straffeloosheid; beperkingen van nabestaanden die hun overleden familieleden de laatste eer willen bewijzen; en onaanvaardbare inmenging in het werk van mensenrechtenactivisten.

Deze ‘Third party intervention’ door de mensenrechtencommissaris van de Raad van Europa is via deze link volledig na te lezen.

 

Debat en moties Tweede Kamer na referendum over de invoering van presidentieel systeem in Turkije

Afgelopen woensdag debatteerde de Tweede Kamer over het referendum in Turkije. Dit gebeurde tegelijkertijd met het debat over de informele Europese top van 29 april, die vooral in het teken zal staan van de Brexit. In dit bericht is uiteraard uitsluitend aandacht voor het debat naar aanleiding van het referendum en de brief van de regering die de Kamer over dit onderwerp ontving. Aan het eind van het debat werden verschillende moties ingediend, waarvan vier de volgende dag tijdens stemmingen zijn aangenomen.

Status van Turkije in Europa
De gewijzigde motie van het lid Omtzigt c.s. over de status van Turkije als kandidaat-lidstaat van de EU (21501-20-1223, t.v.v. 21501-20-1205) werd aangenomen. Alleen DENK en PVV stemden tegen. In de motie wordt de regering verzocht er bij de Europese Commissie op aan te dringen op korte termijn het eerder aangekondigde herziene oordeel te presenteren over hoe de te verwachten grondwetswijzigingen en de praktische toepassing ervan zich verhouden tot de status van Turkije als kandidaat-lidstaat van de Europese Unie. Daarnaast wordt de regering gevraagd te beoordelen hoe de grondwetswijzigingen in Turkije en de praktische toepassing ervan zich verhouden tot het lidmaatschap van de Raad van Europa.

Pre-accessiesteun opschorten
De motie-Van Rooijen over het in EU-verband bepleiten om pre-accessiesteun per direct op te schorten (21501-20, nr. 1217) werd ook aangenomen. PvdA en DENK stemden tegen de motie, de overige fracties stemden voor. Over het opschorten van de pre-accessiesteun zijn de Kamer en de regering het volgens minister Koenders van Buitenlandse Zaken overigens al geruime tijd eens, maar is er nauwelijks draagvlak voor in Europa. “Ik ga het opnieuw proberen”, zei de minister woensdagavond, “maar de Kamer moet zich wel realiseren dat niet iedereen altijd dezelfde visie heeft als Nederland.”

Financiering mensenrechten ngo’s
In de de aangenomen motie-Van Ojik/Van den Hul wordt de regering wel verzocht om zich ervoor in te zetten dat bij het eventuele stopzetten van de pre-accessiesteun de financiering van ngo’s voor mensenrechten ten minste op peil blijft (21501-20, nr. 1207). De aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de PvdD, 50PLUS, D66, het CDA en de ChristenUnie stemden voor, de overige fracties tegen.

Juridisch kader politieke activiteiten in Nederland
De aangenomen motie-Voordewind (21501-20, nr. 1209) verzoekt de regering, het juridische kader voor het reguleren van politieke activiteiten van vreemdelingen en vertegenwoordigers van buitenlandse mogendheden in Nederland in kaart te (laten) brengen en te onderzoeken of nieuwe objectieve criteria voor die regulering mogelijk zijn. Alleen VVD, PvdA en DENK stemden tegen.

« Oudere berichten

© 2019

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑